De coöperatie

De coöperatie is met haar dochteronderneming C.T. Noix gevestigd in Vinay, in het hart van de Franse Alpen. De organisatie brengt meer dan 500 producenten van Frans walnoten samen (450 leden en een honderdtal onafhankelijke producenten). Over de hele wereld levert de coöperatie gedroogde walnoten, verse walnoten en kernen van (gepelde) walnoten.

Dankzij meer dan 80 jaar knowhow van de productie van noten en de zeer strenge kwaliteitseisen, kunnen de walnotentelers van de coöperatie rekenen op effectieve ondersteuning en begeleiding bij hun inspanningen om kwalitatief hoogwaardige walnoten voort te brengen in een verantwoorde milieuomgeving.

Historie

Het ontstaan van de coöperatie

De walnoten van Grenoble zijn al sinds het begin van de 20ste eeuw bekend in Frankrijk en verdaar buiten.

In de jaren ’30 van de vorige eeuw was Frankrijk al de grootste producent van walnoten ter wereld. De meeste noten waren voor eigen consumptie, maar die uit de streek van Grenoble en uit de Périgord waren kwalitatief uitstekend en geschikt voor de handel. De bekendste werden de rassen Mayette, Franquette en Parisienne, allemaal uit de Grenoble-streek. Zij zijn het resultaat van lange selectieprocedures en brengen het meeste op. Om de boeren te beschermen, voerde het Franse Parlement het ‘Nationale Handelsmerk’ in, die de kopers zekerheid biedt rond authenticiteit en kwaliteit. Maar al in 1908 vormden boeren uit de Bas Grésivaudan, bij Grenoble, verkoopsyndicaten om hun walnoten tegen goede condities te verkopen. Deze syndicaten werden in 1927 samengevoegd.

In 1921 laat de heer Causse, groot-importeur van noten en vertegenwoordiger van de syndicaten in de VS, in Tullins in de Isère naar Amerikaans voorbeeld een werkplaats bouwen waar walnoten werden voorbewerkt voor de verkoop. In 1929 draagt hij de werkplaats over aan de Coöperatie van Syndicaten van Telers van Grenoble-walnoten. De voorloper van COOPENOIX is geboren!

Op een oppervlakte van 1.800 vierkante meter beschikte de werkplaats over een stoommachine, een machine voor het wassen van noten, een sorteermachine die 500 zakken per dag aankon, een heteluchtdroger en lopende banden. De walnoten kregen er een behandeling om de doppen schoon te maken en te bleken. Deze behandeling was overigens goedgekeurd door het officiële Comité van Hygiëne, onderdeel van het ministerie van Landbouw. In die tijd al ondernam de Coöperatie proeven om walnotenbomen te behandelen tegen ziektes en werd er voorlichting gegeven over de juiste teeltmethoden. Deze traditie wordt nog altijd hooggehouden en de aangesloten telers stellen de ondersteuning vanuit de Coöperatie zeer op prijs.

In de jaren na de start van de Coöperatie sluiten zich steeds meer telers aan. De resultaten zijn dermate positief, dat zelfs telers uit de Corrèze (midden Frankrijk) om raad komen vragen om zelf een soortgelijke coöperatie op te richten.

Officiële controle op de herkomst

In 1936 besloot de Coöperatie om samen met de walnotenhandelaren in de regio een officiële controle op de herkomst van de noten in te stellen. Bovendien werd het gebied afgebakend waarin Grenoble-walnoten kunnen worden geteeld. Op 17 juni 1938 werd bij wet vastgelegd dat de Grenoble-walnoten uit het Isère-dal komen, dat zich uitstrekt over de departementen Isère, Drôme en Savoie. Verder is de Grenoble-walnoot altijd één van de volgende rassen: Franquette, Mayette en Parisienne.

Kort na de invoering van de gecontroleerde herkomst, op 11 september 1938, wordt de coöperatieve vereniging ingeschreven als Coöperatie van Producenten van Walnoten. Het aantal deelnemers in de Coöperatie groeit tot circa 600 in de jaren ’50. Daarna nam dit aantal af als gevolg van samenvoeging van agrarische bedrijven en is nu op ongeveer 450 telers gestabiliseerd.

.

Van Tullins naar Vinay

Terwijl de oogst in volle gang is, vliegt in 1977 de werkplaats in Tullins in brand. Het duurt een week voordat de brand, die het gebouw en 200 ton noten verwoest, volledig is geblust.
In Vinay, evenals Tullins niet ver van Grenoble, wordt in 1978 een nieuwe werkplaats gebouwd, die in 1992 wordt uitgebreid. In de loop van de tijd worden de machines -in het bijzonder voor de verpakking- steeds geavanceerder om aan de wensen van klanten tegemoet te kunnen komen. Handwerk wordt vrijwel geheel door mechanisatie overgenomen. De consumptie en de manier van distribueren van walnoten veranderen door de jaren heen. Werden voorheen zakken met 100 kilo walnoten verzonden, nu vragen de klanten steeds meer verpakkingen van 1 kilo of zelfs 500 gram. De vestiging in Vinay is zeer productief. Jaarlijks wordt er alleen al in de oktobermaand 2.000 ton walnoten verwerkt: twee miljoen kilo dus. Onderzoeken naar de ontwikkelingen op de plantages en oogstvoorspellingen tonen echter aan dat de productiecapaciteit in Vinay verder moet worden verhoogd, om vooral bij de start van de oogst de klanten zo snel mogelijk van dienst te kunnen zijn.

Een meerjarenplan voor modernisering voorziet in de verhoging van de dagelijkse verpakkingscapaciteit en in het uitbreiden van de koelruimten. Ook wordt er onderzoek gedaan naar nieuwe technologie voor onder meer de sorteerstraten en de inzet van robots bij de verwerkingsprocessen.

In de afgelopen jaren

Sinds halverwege de jaren '90 zijn de leden erin geslaagd steeds meer walnoten aan te leveren. Het jaarlijkse volume is in de afgelopen tijd toegenomen van 2.500 ton naar 6.000 en zelfs 7.000 ton.

Deze stijging is te verklaren door de aanplant van vele bomen. Voor een deel vervangen deze jonge bomen de walnotenbomen die als gevolg van stormen en extreme vrieskou moesten worden afgeschreven. Daarnaast zijn er nieuwe plantages aangelegd op terreinen die eerder voor akkerbouw en veeteelt werden gebruikt.

Bovendien kon de coöperatie externe groei realiseren door de aankoop van CT Noix (gespecialiseerd in walnoten in de dop) in 2004 en door de verwerving van de Blain organisatie, die zich op walnotenkernen richt.

In 2009 werd een nieuwe uitbreiding van het productiecentrum gerealiseerd en in de afgelopen vier jaren is stelselmatig gewerkt aan de verdere modernisering van de verpakkingsstraten.

Tot slot werkt Coopenoix met verschillende partners samen op commercieel gebied.